Nieuwsbrief?

Henk Kamping zwaait na 15 jaar af als voorzitter van de Daoler Tuun

Henk moest even overgehaald worden voor dit gesprek, het is en blijft een bescheiden mens, maar na enige aarzeling wilde hij dan toch wel meewerken. We spraken elkaar natuurlijk in de Bijenstal in de DaolerTuun. Kacheltje erbij, maar eerst op de foto.

Met de nog nieuwe fotograaf binnen onze redactie (Harrie Oude Hampsink) was het gelijk een klik, want ze kenden elkaar uit een gedeeld politiek verleden.

Hoe ben je bij de DaolerTuun betrokken geraakt?

Het hele project begon binnen de toen nog bestaande ‘Commissie 4’ van de ‘Commissie Buitengewoon Platteland’ van de gemeente Coevorden. Met Buitengewoon Platteland wilde de gemeente Coevorden de leefbaarheid op het platteland in de gemeente verbeteren. Coevorden stelde hiervoor geld beschikbaar. De projecten worden door de Commissie aangebracht om het buitengebied zelf te ontwikkelen (de vier commissies waren ingedeeld naar geografisch gebied). Dat getal achter de commissienaam verwijst naar een bepaald geografisch afgebakend gebied. Daar ligt de huidige DaolerTuun dus binnen.”

En wat trof je aan?

“Het terrein was aanvankelijk een arboretum, dat is een bomenpark met verschillende soorten bomen. Het was best wel een aantrekkelijk park, maar een park dat totaal onbekend was bij de inwoners van Dalen en door de Dalenaren dus nauwelijks bezocht werd. We waren direct van mening dat dit gebied wel potentie had om er iets moois van te maken en waar we de bewoners ook naar toe zouden willen trekken. We wilden iets waar meer mensen uit de omgeving van kunnen genieten. Dat wilden we bereiken door de bewoners van Dalen een mooie omgeving te bieden waar ze kunnen wandelen, recreëren en elkaar ontmoeten. Ook zagen we mogelijkheden voor culturele activiteiten en voor educatieve doeleinden.”

Hoe werd het project verder uitgedacht en uitgevoerd?

“Toen de ‘Commissie Buitengewoon Platteland’ werd opgeheven, hebben wij aangegeven dat wij met het arboretum verder wilden. Daartoe werd een werkgroep in het leven geroepen, bestaande uit leden van Dorpsbelangen en genoemde Commissie. Van die vroegere commissie was nog geld beschikbaar en daar hebben wij een fors bedrag van gekregen. Met dat geld hebben we een ontwerp laten maken door Gerolf Menzo.  Gerolf is helaas overleden.”

Hoe pakten jullie de uitvoering aan?

“Met het ontwerp van Gerolf zijn we toen de boer op gegaan. De mensen waren gelijk enthousiast en we hadden geld. We hebben het werk (1ste fase) in eigen beheer uitgevoerd met een plaatselijke hovenier. Zo werden de grote coniferen langs de Burgemeester Bouwmeesterstraat voor een groot deel gekapt, waardoor het park een open aanblik kreeg. De gemeente leverde 3000 m3 grond voor de in het plan aangegeven heuvels. Op de heuvels wordt  nu ’s winters (voor zover die er nog zijn) sleetje gereden en op de vijvers geschaatst; vanaf de heuvels heb je een prachtig uitzicht op de Tuun. Samen hebben we in de afgelopen jaren  telkens verder gebouwd zoals de bijenstal, het podium, speelwerktuigen en dit jaar is er een zwaluwtil gebouwd voor de zomerzwaluwen. En wordt de Tuun natuurlijk onderhouden.“

Zie daarvoor ook het artikel over de werkgroep Maak kennis met de werkgroep De DaolerTuun. Ook geeft de werkgroep zo nu & dan een nieuwsbrief uit, klik daarvoor bijvoorbeeld hier.

“We waren vanaf het begin met drie mensen vanuit de Commissie; later zijn er nog een paar andere mensen bijgekomen (vanuit Dorpsbelangen en de middenstand), maar ook om allerlei redenen deels weer afgevallen. We zijn nu met vijf bestuursleden. We willen er eigenlijk nog eentje bij hebben, maar dat is er tot nu toe niet van gekomen. In de vervanging van mijn plek is al wel voorzien door een ‘jonge’ 60’er.”

“Er kwamen ook mensen bij die een hoveniers- of in elk geval groene opleiding hadden. Er zijn natuurlijk wel meer projecten, maar hier is het wel met burgerparticipatie gegaan. Daaruit kwamen ook veel ideeën. Samen met de onmisbare ploeg van tegenwoordig een kleine 20 vrijwilligers uit de omgeving houden wij deze prachtige tuin aantrekkelijk. Het aansturen van al die vrijwilligers doet de werkgroep samen, dat is leuker dan vergaderen …”

Wat is jouw achtergrond?

“Ik kom van een boerderij in Oosterhesselen, een gemengd bedrijf. Ik had van daaruit direct al veel belangstelling voor de natuur en landbouw. Ik ben opgeleid in Arnhem: bosbouw- en cultuurtechnische school. Die h.b.o.-opleiding heet tegenwoordig de IAHL (Internationale Agrarische Hogeschool Larenstein). Kort getypeerd, een algemene opleiding over alles wat met de bodem en water te maken heeft, zoals bv waterbeheer en landschapskunde. Door mijn belangstelling en ervaring in het buitengebied, de ruimtelijke ordening, ben ik destijds in die commissie gekomen en later in de werkgroep. De leden van de werkgroep hebben zo allemaal hun eigen expertise, bijvoorbeeld ook bosbouw en techniek. Ik heb altijd al wat met natuur gehad dus na mijn werkzame periode heb ik me met veel plezier op dit project gestort.”

Wat bracht het werk in de tuin jou persoonlijk?

“Wat het mij gebracht heeft is het opzetten en uitvoeren van werk met vrijwilligers, dat daar wel een uitdaging in zit. Met zo’n groep bezig te zijn is heel plezierig en we hebben nooit conflicten gehad. Dat geeft heel veel voldoening. Toen we begonnen met de Tuun, hadden we meteen heel veel enthousiasme in de groep. Ook bij de bevolking.
Ik heb nog nooit in al die tijd dat ik hier werk iemand iets negatiefs horen zeggen over de Daoler Tuun. We hadden ook een hele leuke ploeg mensen, van alles wat. Veel techneuten maar ook wel andere disciplines. En dat boterde/botert nog altijd goed. In de werkgroep hadden wel eens een stevige discussie maar dat hoort erbij.”

“Het onderhouden en verfraaien van de Daoler Tuun voor alle bezoekers, jong en oud, geeft mij al voldoende motivatie. Het bestuur en de vrijwilligers ontvangen regelmatig positieve reacties van bezoekers, nooit negatieve. Dit werkt zeer zeker ook motiverend en is een bevestiging van dat we bereiken wat we wilden.”

En, wat ga je nu doen?

“Als ik met de Tuun ga stoppen, dan ga ik echt met pensioen. Dan ben ik bijna 80 en dan vind ik het wel welletjes. En dan ga ik verder in mijn eigen tuin, en dat is wel nodig ook…”

Dan valt hij even stil. De gezondheid van zowel Henk zelf als zijn vrouw laat te wensen over. Wat ze zouden willen doen kan in veel opzichten niet. De eigen tuin is nu eigenlijk te groot. “Dat wordt wel even bikkelen om de zaak weer goed op de rails te houden. Ik ben en blijf graag buiten, ik ben niet iemand die achter de computer gaat zitten.”
Henk vervolgt: “Wat er nu weg valt kan ik voor een groot gedeelte wel in die tuin kwijt, het is een bobby dus je hoeft er ook niet elke minuut van de dag mee bezig te zijn.”

Hij sport nog: hij heeft altijd getennist maar dat zal nu geleidelijk wel minder worden. Verder loopt hij hard (“nou ja … hard”) om een beetje fit te blijven.

Henk’s vrouw schildert, vroeger heeft Henk ook wel eens ‘geprobeerd’ te schilderen. Wie weet, pakt Henk dat weer op. De spullen staan klaar in huis..

De portretfoto’s zijn genomen door Harrie Oude Hampsink. De foto’s van de Daoler Tuun zijn al eerder genomen (zomer/najaar ’05) door verschillende fotografen.